Borstverkleining

Zware borsten kunnen fysische problemen geven alsook emotioneel zwaar doorwegen. Men is dikwijls belemmerd in zijn dagelijkse activiteiten en sportbeoefening is moeilijk. Voor de ingreep worden afmetingen genomen ter hoogte van de borst. Er wordt een aanvraag tot terugbetaling van de ingreep ingediend op basis van deze afmetingen. Er wordt een preoperatieve mammografie aangevraagd vooraleer de borstverkleining uit te voeren.

Voor de borstreductie ingreep tekent de plastisch chirurg enkele patronen op de borst. Hij bepaalt de nieuwe positie van de tepel en bekijkt hoeveel weefsel er zal verwijderd worden. Bij de ingreep wordt zowel huid als borstklierweefsel verwijderd. De hoeveelheid die verwijderd wordt hangt af van uw gewenst finaal volume. De ingreep heeft als doel de projectie van de borst te verbeteren (tepel terug in positie brengen), het volume te verminderen, de contouren van de borst te herstellen of te verbeteren en ervoor te zorgen dat tepel en tepelhof goed doorbloed blijven.

Het litteken na een borstverkleining zal in de meeste gevallen het patroon hebben van een anker of omgekeerde T. Het loopt rond het tepelhof, verticaal naar de borstplooi en in de borstplooi (zie foto). Een steunbh wordt gedragen gedurende drie weken. Littekenverzorging wordt voorgeschreven. Daags na de ingreep mag men douchen. Baden wordt niet aangeraden gedurende een 2-tal weken.

Mogelijke complicaties bij een borstreductie zijn nabloeding, infectie, verbrede littekens, asymmetrie, afsterven (of deels) van tepel of tepelhof, gevoelsstoornis van de tepel (tijdelijk of permanent), hardheid van de borst (vetnecrosis), borstvoeding niet meer mogelijk, verband allergie, verdikte littekenvorming of gestoorde contour van de borst. Complicaties na een borstverkleining zijn frequenter bij rokers (rookverbod), diabetes en zwaarlijvigheid. Bloedverdunners (aspirine) dient gestopt te worden voor de ingreep. Rookstop is absoluut aangewezen minstens drie weken voor de ingreep.