natuurlijke borstvergroting
met lipofilling

Een borstvergroting met lipofilling is een natuurlijke manier om een borst te vergroten. Lipofilling is aangewezen om kleinere volumes toe te voegen. Voor grotere volumes dient men (bijkomend) een prothese te plaatsen of de lipofilling te herhalen.

VOORDEEL VAN
LIPOFILLING

Voordeel van lipofilling is dat uw eigen vetweefsel gebruikt wordt. Hierdoor wordt vreemd materiaal (prothese) vermeden. Het resultaat is natuurlijk en indien nodig kan de ingreep herhaald worden. Specifieke esthetische zones kunnen met lipofilling behandeld worden (bv het decolleté). Bovendien worden de contouren van uw lichaam verbeterd door de uitgevoerde liposuctie. Er zijn tevens geen incisies met lipofilling want het vetweefsel wordt geïnjecteerd via kleine canules. Vetweefsel wordt verwijderd met liposuctie en geïnjecteerd in de onderhuidse lagen van de borst, niet in de borstklier.

NADEEL VAN
LIPOFILLING

Nadeel van lipofilling is dat een deel van het geïnjecteerde vetweefsel verdwijnt. Dit natuurlijk fenomeen wordt resorptie genoemd. Getransplanteerd vetweefsel overleeft door de ingroei van nieuwe bloedvaten. Een deel van de vetcellen zal té laat herbevloeid worden en zullen afsterven en opgenomen worden door het lichaam. De ervaring leert ons dat het injecteren van 100 cc vetweefsel een volumewinst oplevert van 50 tot 60cc.

LIPOFILLING
DE INGREEP

Onder algemene verdoving wordt een voorzichtige liposuctie uitgevoerd. Dit gebeurt met manuele liposuctie (niet machinaal) om het vetweefsel voorzichtig te verwijderen. Frequente plaatsen waar liposuctie plaats vindt zijn: dijen, buik en flanken. Dit wordt voor de ingreep met u overlopen. Het vetweefsel wordt nadien gewassen of geslingerd (gecentrifugeerd) om de overtollige bloedafbraak producten en olie te scheiden van de zuivere vetcellen. Dit zuiver "lipoaspiraat" wordt nadien gebruikt om de lipofilling bij een borstvergroting uit te voeren.

Het vet wordt nadien voorzichtig geïnjecteerd in de onderhuidse weefsellagen van de borstklier en niet in de borstklier zelf. Men zal nooit teveel injecteren of "over"injecteren omdat een te hoge weefseldruk nadelig is voor de overleving van de vetcellen.

Belangrijk bij lipofilling is het vetweefsel laagje bij laagje te injecteren om een maximale overleving te kunnen bekomen. Deze techniek wordt de structurele vetweefseltransplantatie genoemd. De chirurg gaat dus een specifieke techniek toepassen en niet zomaar alle vetweefsel overal injecteren.

Het vetweefsel wordt met kleine canules geïnjecteerd in de onderhuid van de borst. Specifieke esthetische zones van de borst kunnen behandeld worden. Lipofilling leidt op die manier tot een zeer natuurlijk resultaat. Er komen geen incisies aan te pas. De belangrijkste zones waar volume nodig is zijn de binnenzijde en onderzijde van de borstregio.

LIPOFILLING
NA DE INGREEP

Na de ingreep draagt u een steunbh. Overmatige druk moet vermeden worden ter hoogte van de behandelde zones na een lipofilling. Huidverzorging wordt voorgeschreven met lichte massage. Een normale bh mag gedragen worden 2 weken na de ingreep. Het geïnjecteerde vet begint in te groeien (overleven) 2 dagen na de ingreep en de eerste week is cruciaal. Een deel verdwijnt, een fenomeen dat resorptie genoemd wordt. Dit varieert van 20 tot 50%.

COMPLICATIES BIJ LIPOFILLING

Na de ingreep kunnen soms kleine knobbeltjes voelbaar zijn onder de huid. Dit zijn olie cystjes die met massage verdwijnen. De borst kan wat blauw zien na de ingreep maar dit verdwijnt binnen een tweetal weken.

Lipofilling induceert geen borstkanker. Er zijn talrijke duidelijke wetenschappelijke studies gebeurd die dit aantonen. Patiënten die borstkanker ontwikkelen na een lipofilling procedure zijn patiënten die de ingreep ondergingen met een reeds aanwezige borstkanker. De passage van de canule in de borstklier heeft vermoedelijk de spreiding ervan bewerkstelligt.

Wat wel gevraagd wordt is om voor de ingreep een mammografie uit te voeren. Dit onderzoek dient als referentie onderzoek voor later. Het injecteren van vet kan soms kleine verkalkingen opleveren en dit kan verward worden met borstkanker detectie. Het vet wordt onderhuidse ingespoten en niet in de borstklier zelf.